Nederland weer van ons

Vragen van de leden Wilders en Fritsma (beiden PVV) aan de minister voor Integratie, Jeugdbescherming, Preventie en
Reclassering over het eten van halal-voedsel op het kerstdiner van het Rode Kruis in de Diamantbuurt te Amsterdam. (Ingezonden 27 december 2006)

1
Heeft u kennisgenomen van het
bericht «Alleen halal eten op
kerstdiner van het Rode Kruis»?1
2
Wat vindt u ervan dat de bewoners
van de Diamantbuurt zich op een
christelijke feestdag moeten schikken
naar islamitische gebruiken, zoals het
eten van halal-vlees?
3
Deelt u de mening dat het de hoogste
tijd is dat men zich realiseert dat
moslims in Nederland in een westers
land wonen, waarvan ze de cultuur
hebben te respecteren, in plaats van
dat deze cultuur aan de Nederlandse
bevolking wordt opgedrongen?
4
Bent u bereid om indien de
organiserende instanties met
gemeentelijke gelden of subsidies
worden ondersteund, hier per direct
een einde aan te maken, desnoods
door het betreffende subsisidiebesluit
van de gemeente Amsterdam te
vernietigen?
1 De Telegraaf, 19 december 2006.
 

Antwoord
Antwoord van minister Verdonk
(Integratie, Jeugdbescherming,
Preventie en Reclassering).
(Ontvangen 16 februari 2007)

1
Ja.
2
De bewoners van de Diamantbuurt
vertonen qua samenstelling grote
etnische, culturele en religieuze
diversiteit. Voor organisaties die
diverse groepen mensen trachten te
bereiken, zeker in zo’n buurt, is het
gebruikelijk dat rekening wordt
gehouden met de culturele
achtergrond van de doelgroepen.
Rekening houden met spijsregels
zoals die gelden voor moslims, joden,
vegetariërs, mensen die een speciaal
dieet volgen en dergelijke, is daar een
onderdeel van. Hierin past het
initiatief van het Rode Kruis, zelf een
neutrale niet-religieuze organisatie,
die een christelijke aangelegenheid
open wil stellen voor bewoners met
een andere religieuze of
levensbeschouwelijke achtergrond.
De opzet van de organisatie was als
volgt. Genodigden zijn gevraagd om
«iets lekkers» voor het hoofdgerecht
mee te nemen. Daarbij is toegevoegd
de opmerking: «let op, er wordt halal
gegeten». De organisatie verklaarde
in de pers dat dit geen verplichting
was en dat iedereen andersoortige
voedsel kon meenemen voor zichzelf.
Niettemin kan ik me voorstellen dat in
eerste instantie deze opmerking
onbedoeld de indruk heeft gewekt dat
ook niet-moslims verplicht zouden
zijn tot halal-voedsel en dat dit tot
ergernis bij enkele buurtbewoners
kan hebben geleid.
3
De Nederlandse bevolking is qua
etniciteit, cultuur en religie divers van
aard. Het kabinetsbeleid is erop
gericht om het contact en de
ontmoeting tussen alle Nederlanders
te stimuleren. Daarbij is
wederkerigheid van groot belang.
Initiatieven uit de samenleving, zoals
het Rode Kruis, die deze
wederkerigheid vorm trachten te
geven dienen gewaardeerd te
worden. Deze wederkerigheid wordt
ook van moslims verlangd.
4
Gelet op antwoorden 2 en 3 zie ik
geen aanleiding om betrokken
organisatie hierop aan te spreken.

facebooktwitterinstagrammail

We hebben 2345 gasten

donaties

doneer

Nederland
English