Nederland weer van ons

Voorzitter,

In 2005 is het spreekrecht voor slachtoffers opgenomen in het Wetboek van Strafvordering.Op dit moment mag slechts één nabestaande, naast het slachtoffer, het spreekrecht uitoefenen. Het spreekrecht komt in geval van de nabestaanden alleen toe aan een bloedverwant in de eerste graad in de rechte lijn, ofwel de ouders of kinderen.

 

In het wetsvoorstel wat wij vandaag bespreken wordt het spreekrecht uitgebreid. In totaal mogen 3 nabestaanden in het strafproces nu het woord voeren. De na-bestaanden moeten wel bloedverwant zijn, maar dan in de gehele rechte lijn, hetgeen betekent dat nu ook grootouders en kleinkinderen spreekrecht hebben. Daarnaast komt het spreekrecht nu ook toe aan bloedverwanten tot de vierde graad in de zijlijn. Het betreft nichten, neven, ooms en tantes van het slachtoffer. Ook de wettelijke vertegenwoordigers van slachtoffers of nabestaanden die jonger zijn dan 12 jaar krijgen spreekrecht. Verder kunnen slachtoffers of nabestaanden die wegens fysieke of geestelijke beperkingen zelf niet in staat zijn om van het spreekrecht gebruik te maken worden vertegenwoordigd door een partner of familielid. Ook krijgen de ouders van een minderjarig slachtoffer een eigen spreekrecht en wordt voorgesteld dat slachtoffers en nabestaanden een woordvoerder voor hen kunnen laten spreken.

Voorzitter,

De PVV-fractie is het eens met deze uitbreiding van het aantal spreekgerechtigden. Wel constateert de PVV dat hetgeen de spreekgerechtigde mag vertellen beperkt blijft tot de gevolgen die het strafbare feit voor hem of haar heeft gehad. Dit wordt dus qua inhoud niet uitgebreid. Een slachtoffer of nabestaande mag dus niet ingaan op de door hem of haar gewenste strafmaat in geval van veroordeling van de verdachte. Mijn fractie is van mening dat dit wel zou moeten kunnen, maar er zit wel een risico aan vast. Het slachtoffer kan dan ook door de advocaat van de verdachte aan een ‘kruisverhoor’ worden onderworpen. Een keuze moet dus gemaakt worden tussen het meer kunnen zeggen als slachtoffer en het in bescherming nemen van het slachtoffer tegen ondervraging door de advocaat van de verdachte.

De PVV-fractie is van mening dat het onwenselijk is om een slachtoffer aan een kruisverhoor te onderwerpen. Ziet de staatssecretaris wat in de mogelijkheid om wettelijk te regelen dat de advocaat het slachtoffer of de nabestaande alleen mag vragen waarom hij of zij die strafmaat rechtvaardig acht? Dus geen ‘kruisverhoor’. Wellicht is het mogelijk om de spreekgerechtigde de keuze te laten maken tussen spreken over de strafmaat en met daarbij dus vragen van een advocaat enerzijds of spreken over de gevolgen zonder vragen van een advocaat anderzijds? Graag een reactie van de staatssecretaris.

Voorzitter,

De PVV wil benadrukken dat wij niet zover willen gaan dat spreekgerechtigden ook kunnen klagen over de politie. Als slachtoffers of nabestaanden mogen klagen over de gang van zaken bij de politie verwachten zij ook dat de rechter daar iets aan kan doen of het mee kan nemen in zijn overwegingen bij het bepalen van de strafmaat. Dit kan de rechter wettelijk echter niet en dit is ook niet wenselijk. De rechter gaat over de strafmaat, maar niet over de gang van zaken bij de politie. Daarvoor geldt een andere klachtprocedure voor. Men zal niet snappen waarom de rechter er niets mee doet terwijl zij het wel naar voren hebben gebracht. Het vertrouwen in de rechtspraak zal hierdoor dalen (voor zover dat nog kan).

Verder vindt de PVV het een goede zaak dat een ouder die zelf belang heeft bij het verzachten van de gevolgen van het betreffende strafbare feit het spreekrecht niet mag uitoefenen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verdachten van incest of mishandeling.

Tot slot nog een vraag over het hoger beroep. In het wetsvoorstel staat dat 3 na-bestaanden ter terechtzitting het spreekrecht mogen uitoefenen. Het begrip terecht-zitting is niet hetzelfde als de gehele strafprocedure naar aanleiding van een strafbaar feit. De vraag is dan ook de volgende. Is het mogelijk dat wanneer hoger beroep volgt, er andere nabestaanden mogen spreken dan de nabestaanden die in de procedure bij de rechtbank het woord hebben gevoerd? Het zou namelijk zo maar kunnen dat een nabestaande het niet (meer) aankan om ook in de procedure in hoger beroep te spreken. Het zou dan jammer zijn als een andere nabestaande dan niet zou mogen spreken, omdat degene in eerste aanleg geen gebruik van het spreekrecht heeft kunnen maken.

 

 

facebooktwitterinstagrammail

We hebben 3320 gasten

donaties

doneer

Nederland
English