Nederland weer van ons

Op 1 november jongstleden heeft de korpschef de conclusies uit het oriënterend on-derzoek naar de bestedingen van de Centrale Ondernemingsraad (COR) bekend gemaakt. En die conclusies zijn keihard:
1. de bestedingen van de COR waren in aanzienlijke mate ondoelmatig;
2. het keuzeproces voor de bestedingen was niet transparant;
3. de uitgaven waren in toenemende mate disproportioneel en
4. de verantwoording over de uitgaven was onzorgvuldig en onvolledig.
De oorzaak moet mede worden gezocht in het solistisch optreden van de voormalig voorzitter van de COR die alleen verantwoording wilde afleggen aan de voormalig korpschef. Daarnaast was sprake van gebrekkig toezicht op de besteding van en verantwoording over de gelden door de COR.

Deze conclusies maken een nader en extern onderzoek absoluut noodzakelijk. Mijn fractie is het eens met de voorgestelde onderzoeksvragen naar de betrokkenheid en de handelwijze van de voormalig korpschef bij beslissingen ten aanzien van en het houden van toezicht op de financiën van de COR (onderdeel A). Maar in het verlengde daarvan wel een aanvulling. De minister stelt volgens artikel 33 Politiewet jaarlijks bijdragen ter beschikking aan de politie, algemene en bijzondere bijdragen. Wie bepaalt de omvang van de bijdrage aan de COR? En in het verlengde daarvan, wie houdt toezicht hierop en waakt voor overschrijding?

De vraag naar de kennis van de voormalige en huidige minister van Veiligheid en Justitie (onderdeel C) moet wat mijn fractie betreft worden uitgebreid. Niet alleen de kennis, maar vooral de handelwijze, de rol zo je wilt, van, met name, de voormalig minister is ook van belang. Heeft hij zich meer dan nodig bemoeid met de totstand-koming van de Nationale Politie? En moest koste wat het kost aan de deadline worden vastgehouden waarop de realisatie van de Nationale Politie een feit zou zijn?

Wat ook een vereiste is, is dat het onderzoek onafhankelijk is. Gezien het cv van de voormalig korpschef (OM, AIVD en de Nationale Politie) zal dat niet eenvoudig zijn. Maar alleen een onafhankelijk onderzoek kan het geschonden vertrouwen herstellen.

De omvang van het onderzoek en ook de onafhankelijkheid van de onderzoekscom-missie zijn dus zeer belangrijk. Niet alleen om de feiten boven tafel te krijgen, maar ook als een deugdelijke basis waarmee de Nationale Politie intern en extern kan werken aan het herstel van het geschonden vertrouwen. Want we willen nog steeds een goed functionerende Nationale Politie.

facebooktwitterinstagrammail

We hebben 2635 gasten

donaties

doneer

Nederland
English