Nederland weer van ons

Zorg van goede kwaliteit, dat wil iedereen. Maar feit is dat eenduidige criteria van wat goede zorg is niet bestaan. Daarom hanteert iedereen maar eigen criteria en daaruit volgt weer dat de zorg wel degelijk in kwaliteit verschilt. In plaats van een uniforme basisset vast te leggen voor het meten van kwaliteit, vertrouwt de minister erop dat de zorgverzekeraars kwalitatief goede zorg inkopen. De praktijk weerlegt echter dat zorgverzekeraars inkopen op kwaliteit.
Een paar voorbeelden:

1. De op 1 na grootste zorgverzekeraar (VGZ) wil niet langer bepalen wat kwaliteit is maar laat dit over aan de zorgaanbieder. Hoewel hier wat voor te zeggen is, staat het haaks op het beleid van de minister en onderhandelt deze zorgverzekeraar blijkbaar alleen nog maar op basis van de prijs. Graag een reactie.

2. Een andere grote zorgverzekeraar (CZ) sluit voor 2016 voor het eerst met 1 aanbieder een contract waarbij kwaliteit het uitgangspunt is. Tot nu toe is er dus nog nooit op kwaliteit ingekocht, in tegenstelling tot wat de minister altijd heeft beweerd. Graag een reactie.

3. De patiëntenfederatie NPCF waarschuwt voor de kwaliteit van budgetpolis. De polis die door de minister zo gepromoot werd en die inmiddels 1,2 miljoen verzekerden hebben afgesloten. Met een budgetpolis loop je naast langere reistijden en wachttijden, ook het risico op het onthouden van kwalitatief goede zorg. Denk aan de uitsluiting van academische ziekenhuizen. Denk aan een ziekenhuis dat onder toezicht komt te staan, of waar een MRSA uitbraak heerst. Hoezo goede kwaliteit als je verplicht wordt naar zo’n ziekenhuis te gaan? Graag een reactie.

En er is nog een ontwikkeling die in tegenspraak is met goede kwaliteit en dat is het omzetplafond. Een arts of instelling die kwalitatief goede zorg levert zal een aanzuigende werking op patiënten hebben. Maar het afgesproken of opgelegde omzetplafond zet hier een rem op, er volgt gewoon een behandelstop. Als patiënt kun je dan kiezen of je op de wachtlijst wilt komen of dat je naar een ander en dus kwalitatief minder ziekenhuis gaat. En de ene arts kan dan aan het eind van het jaar met vakantie en de andere aan het begin van het jaar. Hoe dan ook nadelig voor de patiënt en een kwalitatief slechte ontwikkeling. Met name ook omdat de patiënt niet kan controleren of er omzetplafonds zijn afgesproken en hij kan ze dus ook niet vermijden. En daar komt nog bij dat omzetplafonds de keuzevrijheid van de patiënt belemmeren, ongeacht de polis. Graag een reactie.

We zien dus dat in de praktijk de zorgverzekeraars niet inkopen op kwaliteit. Steeds meer zorgaanbieders concluderen dan ook terecht dat de kwaliteit in het gedrang komt en kiezen ervoor om dan maar geen contract aan te gaan met een zorgverzekeraar. Dapper zou je denken, maar de minister ziet dat heel anders. Contractering is volgens haar een waarborg voor goede zorg. Waar ze dat op baseert is een raadsel en omdat ze dat ook niet hard kan maken verzint ze iets anders. De minister is van plan het macrobeheersinstrument in te zetten bij zorgaanbieders die geen contract hebben. Dat betekent dat overschrijdingen van de hele sector worden verhaald op slechts enkele zorgaanbieders.

Onvoorstelbaar. Dat wetsvoorstel kan wat de PVV-fractie betreft meteen in de prullenbak. Maak in plaats daarvan een wetsvoorstel dat een einde maakt aan de budgetplafonds. Maak kwaliteit meetbaar aan de hand van een basisset en verplicht iedereen dit openbaar te maken. Kwaliteit loont, maar alleen als we weten waar we het kunnen vinden en er in alle vrijheid voor kunnen kiezen.

facebooktwitterinstagrammail

We hebben 7925 gasten

donaties

doneer

Nederland
English