Deze grond-wet is een drijfzand-wet. Want de burger wordt een moeras ingeleid. Dat zei Geert Wilders vrijdag op een persconferentie waar hij de plannen toelichtte voor zijn campagne. Maandag vertrekt hij voor een tocht langs alle provincies om het tegen-geluid te promoten. Wilders onthulde ook zijn leus: NEDERLAND MOET BLIJVEN.

Tekst toespraak uitgesproken door Geert Wilders op de persconferentie van de Groep Wilders, 13 mei 2005, 11 uur, in de Suze Groenewegzaal in het gebouw van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

Aanstaande maandag begint de bustourNEE tegen de Europese Grondwet. Ik zal in een kleine twee weken alle provincies van Nederland aandoen om de inwoners van dit land te proberen te overtuigen op 1 juni tegen de Europese Grondwet te stemmen. Ik zal vooral in winkelstraten en op markten mij onder het publiek begeven, pamfletten uitdelen en met mensen op straat in debat gaan.

Alvorens ik over mijn belangrijkste bezwaren tegen de Europese Grondwet kom te spreken, wil ik mijn campagneleus bekendmaken. Deze luidt: “Nederland moet blijven”. De leus zal te vinden zijn op als ons campagnemateriaal, zoals op de bus zelf, op de uit te delen pamfletten, op de posters, jassen en natuurlijk ook op onze website www.groepwilders.nl. Vanaf nu begin ik ook met een eigen weblog op www.geertwilders.nl.
 
Ik wil met deze leus aangeven dat indien de Europese Grondwet wordt aangenomen, een belangrijke volgende stap wordt gezet in de richting van een federale Europese superstaat met fors minder invloed van Nederland op haar eigen toekomst.
 
Dit behoeft enige toelichting.
 
Met deze Europese Grondwet worden belangrijke soevereine bevoegdheden overgedragen aan Brussel (zoals ook door de Raad van State wordt geconstateerd). Dit betekent dat Nederland op een aantal terreinen, zoals het cruciale immigratie- en asielbeleid, haar uiteindelijke beslissingsbevoegdheid kwijtraakt. Dit omdat over deze kwesties onder de nieuwe Grondwet bij gekwalificeerde meerderheid zal worden besloten.
Nederland raakt tientallen vetorechten kwijt. Het zou onaanvaardbaar zijn wanneer landen als Spanje, samen met gelijkgezinde lidstaten, een gekwalificeerde meerderheid vinden om in Europa en dus ook in Nederland honderdduizenden illegalen te legaliseren en Nederland dit niet kan tegenhouden omdat het geen vetorecht meer heeft.

Er is geen kwestie die de afgelopen jaren de gemoederen meer heeft beziggehouden dan juist de veranderende bevolkingssamenstelling. Juist dit onderwerp, het onderwerp immigratie, bepaalt op talloos veel terreinen de toekomst van Nederland. Het is onaanvaardbaar dat Nederland de zeggenschap over zijn eigen immigratiebeleid kwijtraakt. Het Nederlandse immigratiebeleid dient dan ook exclusief in Nederlandse handen te blijven.

Als de Brusselse kliek haar zin krijgt en het islamitische Turkije in het volgende decennium lid van de Unie wordt en op grond van haar bevolkingsomvang onevenredig veel in de melk te brokkelen krijgt, valt op een belangrijk terrein als immigratie het ergste te vrezen.
 
Dit referendum gaat simpelweg over de vraag: waar ligt de uiteindelijke macht en wie is het best in staat te beslissen wie we binnenlaten in Nederland: de Nederlandse burger of de Brusselse kliek.
 
Dit referendum gaat over onafhankelijkheid en immigratie.
 
Op een aantal andere terreinen zal Brussel voor het eerst - en met gekwalificeerde meerderheid - besluiten gaan nemen, zoals op het terrein van ontwikkelingshulp en ondersteunend integratiebeleid.
 
Hiernaast wordt voor het eerst in een Europees verdrag opgenomen dat het recht van de Unie inclusief de nieuwe Grondwet voorrang heeft boven het recht van de lidstaten. Tot dusverre had dit slechts de status van jurisprudentie. Nu staat het zwart-op-wit in een verdrag en zijn nuanceringen niet meer mogelijk. Omdat de Grondwet bovendien nieuwe bevoegdheden creëert (en het bereik van het Unierecht dus uitbreidt) krijgt deze regel een ruimer bereik.

Ook wordt de positie van de grotere lidstaten versterkt ten koste van de positie van de kleinere lidstaten. Landen met veel inwoners krijgen bij de besluitvorming in de Raad van Ministers een nog grotere stem door invoering van het ‘bevolkingscriterium’. Ten aanzien van het Europees Parlement wordt het bevolkingscriterium het enig relevante criterium. Grote macht voor grote landen. Nederland betaalt de prijs.

Het subsidiariteitsbeginsel dat tot doel zou moeten hebben dat alleen centraal wordt geregeld wat decentraal – door de lidstaten zelf – niet of niet voldoende kan worden geregeld, wordt verder uitgehold. In artikel 1-3 lid 5 wordt gezegd dat de Unie haar bevoegdheden met ‘passende middelen nastreeft’. Een ruimere formulering is nauwelijks denkbaar. Bovendien wordt in bijlage 2 een fopspeen gepresenteerd in de vorm van een gele kaart die 9 lidstaten kunnen trekken als ze van mening zijn dat iets niet door Brussel moet worden geregeld. Deze gele kaart kan nooit een rode kaart worden omdat de Europese Commissie dit bezwaar zonder meer naast zich neer kan leggen.

Het is onbegrijpelijk dat staatssecretaris Nicolaï deze zogenaamde gele kaart steeds maar blijft presenteren als iets dat de burgers meer macht geeft. Zeer begrijpelijk dat 52 procent van de VVD-stemmers zegt op 1 juni TEGEN te gaan stemmen.
 
In de preambule van de Europese Grondwet maakt de Unie geen geheim van haar federale pretenties. Gesproken wordt over een ‘gemeenschappelijke lotsbestemming’ en het ‘voortgaan met de grootse onderneming’ van Europa. Het is een griezelig vooruitzicht. Hier spreekt de superstaat tot u, die grootste plannen met u heeft. De Grondwet heeft zelfs de euvele moed te spreken over de ‘wil van de burgers’ die de basis van deze Grondwet zou zijn. Maar burgers en bedrijven schreeuwen om vrijheid, niet om nog meer regels en nog meer ambtenaren.
 
Nederland raakt ook zijn permanente Europese Commissaris kwijt.
De vaste voorzitter van de Europese Raad zal - opnieuw op grond van het bevolkingscriterium - worden gekozen met gekwalificeerde meerderheid. De grote landen hebben het uiteindelijk dus ook hier voor het zeggen. Hoe meer inwoners hoe meer macht. Opnieuw een triest voorbeeld van het kleine Nederland dat het nakijken heeft.
 
En dan is er het burgerinitiatief. Dat wordt gepresenteerd als een novum van hoge kwaliteit en als een garantie om de burger meer bij de Brusselse besluitvorming te betrekken en de kloof tussen Europa en de Europese burgers te dichten. De werkelijkheid is dat één miljoen mensen uit ‘een significant aantal lidstaten’ een handtekening moeten zetten, waarna de Europese Commissie een ‘passend voorstel’ moet doen over het desbetreffende door de burgers geagendeerde onderwerp. Het is volstrekt onduidelijk wat met een ‘significant aantal lidstaten’ wordt bedoeld. Evenmin is helder wat ‘een passend voorstel’ is; wel helder is dat dit louter en alleen ter beoordeling van de Commissie zelf staat. Daarmee is dit burgerinitiatief een lachwekkend speeltje van salondemocraten.
 
Nadat minister Zalm al heeft ingestemd met verdere versoepelingen van het stabiliteitspact, biedt ook deze Grondwet geen enkele garantie op een lagere Nederlandse financiële bijdrage. Weliswaar heeft Nederland bedongen dat pas meerderheidsbesluitvorming over de meerjarenbegroting kan plaatsvinden wanneer de exorbitant hoge Nederlandse bijdrage aan Brussel wordt verminderd, maar dit is alles behalve een garantie dat Nederland ook feitelijk fors minder gaat betalen. In de Grondwet staat hierover helemaal niets. Nederland had deze Grondwet überhaupt nooit mogen ondertekenen voordat geregeld was dat wij fors minder aan Europa zullen hoeven te betalen.
Door toch akkoord te gaan met deze Grondwet bevestigt het Kabinet nog eens dat de Nederlandse belastingbetaler als geen ander mag meebetalen aan het subsidie-bachanaal in Brussel.
De Groep Wilders pleit voor een verlaging van de Nederlandse financiële bijdrage met 90%.
 
De houding van de Nederlandse regering is beschamend als het gaat om het opkomen voor de Nederlandse belangen. De Nederlandse regering had het liefst nog meer vetorechten ingeleverd en nog vaker met gekwalificeerde meerderheid besloten. In de Memorie van Toelichting van de Goedkeuringswet die nu in de Kamer aanhangig is, zegt de regering zonder blikken of blozen dat zij ook op de terreinen van sociale zekerheid voor werknemers van de Unie en fiscaliteit liever meerderheidsbesluitvorming had gezien. Ook diende de Nederlandse regering eerder een amendement in om de uittredingsclausule te schrappen ‘omdat zij dit in het licht van de idee van Europese integratie een verkeerd signaal vond’ (Kamerstukken II, 2002/2003, 28 473, nr 9).
 
Het is zeer te betreuren dat het kabinet ondanks het gebruik van spiekbriefjes – of moet ik zeggen dankzij het gebruik van spiekbriefjes – nauwelijks campagne voert op basis van de feiten, maar vooral angst zaait. Volgens minister Brinkhorst gaat het licht in Nederland uit als de Grondwet wordt verworpen. Minister Donner houdt ons een oorlog voor. En het was minister Bot die met minachting voor de kiezer eergisteravond zei dat de kwestie van de Grondwet eigenlijk te ingewikkeld was voor een referendum. En premier Balkenende refereert op de meest smakeloze wijze aan Auschwitz en misbruikt zijn rede te Margraten bij het bezoek van president Bush en het jubileum van ons staatshoofd om over Europa te praten.
Premier Balkenende zegt nu dat een nee tegen de Grondwet Nederland schaadt. Onze premier die de Nederlandse belangen verkwanselt en opkomen voor de Brusselse belangen belangrijker vindt dan opkomen voor ons eigen land.
 
Ik roep het Kabinet op af te zien van goedkoop populisme en zich te beperken tot de feiten. Die zijn al schokkend genoeg.
 
Deze Grondwet gaat wel degelijk over Turkije. Dat is ook een feit. Ten eerste worden de grenzen van Europa niet afgebakend. Niet helder is wat een Europese staat is. Dat de Brusselse kliek met Turkije gaat onderhandelen als Aziatisch en islamitisch land kan betekenen dat ook andere niet-Europese landen zullen kunnen toetreden. Ten tweede zal door het gegeven dat bevolkingsaantallen fors gaan meetellen bij het bepalen van het stemgewicht in de Raad van Ministers, Turkije straks een grote stem hebben ten koste van Nederland als het gaat om wetgeving in Europa en dus ook in Nederland. Ook in het Europees Parlement zal de Turkse afvaardiging de grootste zijn.
 
Aanvaarding van deze Grondwet betekent dat Europa verwordt tot een ineffectieve superstaat waarin de macht onevenwichtig wordt verdeeld, het bestuur ver van de burgers blijft staan en er een schijndemocratie ontstaat omdat er geen Europees volk is en er nooit een Europees volk zal komen. En zonder demos geen democratie. Grieken zijn geen Denen, Zweden geen Slowaken en Nederlanders geen Turken. En nog minder mensen noemen zich Europeaan. Turken voelen zich vooral Turken en Nederlanders vooral Nederlanders en dat zal altijd zo blijven.
 
De EU is dan ook geen democratie maar een technocratie.
 
De Brusselse bureaucraten die ons de euro brachten brengen u nu: een Grondwet van (inclusief bijlagen) 480 bladzijden. Michael Gorbatsjov vroeg zich af waarom wij hier in Europa de Sowjet-Unie aan het herinvoeren zijn.
 
Deze Grond-wet is een drijfzand-wet. Want de burger wordt een moeras ingeleid. Allerlei vage voornemens staan op papier zonder dat duidelijk is wat de waarde daarvan is. Maar reken maar dat de Brusselse overheid al dat papier dankbaar aangrijpt om flink door te groeien.
Er is geen overheid die zichzelf weet in te binden. Iedere overheid put en breidt zijn bevoegdheden uit. Nu al zegt de Grondwet dat de inhoud en de omvang van het ambtenarenkorps bij gekwalificeerde meerderheid bepaald zal worden. Dus over de uitdijende ambtenaren-zwam heeft Nederland straks nauwelijks iets te zeggen, maar ons land mag als grootste netto-betaler wel de rekening betalen.
We hebben gewoon een slechte deal.
 
De EU houdt zich nu al bezig met kinderspeeltuinen, de slaapdiensten van de brandweer, de ladders van de glazenwasser, de bacteriën in de Franse kaas en de tarieven van de kapper. De deur wordt nu open gezet naar een overheid die een vrijbrief krijgt zich tot in detail met onze levens bezig te houden.
 
De Amerikaanse Grondwet kan op een paar A4’tjes. De Europese Grondwet heeft bijna vijfhonderd pagina’s nodig. Een grondwet die zoveel woorden nodig heeft, is op wederzijds wantrouwen gebaseerd en kan dus niet deugen. Kijkt u voor de grap eens naar de artikelen III-296 lid 3 en III-206 lid 2 en u ziet zelf wat ik bedoel. Een grondwet moet kort en helder zijn. Dit lijkt meer op een rookgordijn.
 
Dit is een grondwet niet van een volk dat haar rechten tegenover een elite vastlegt, maar een elite die op zoek is naar een volk, om vervolgens de macht over dat volk te grijpen. Ik roep dat volk op ondubbelzinnig TEGEN te stemmen. Heel simpel: omdat NEDERLAND MOET BLIJVEN.

steun ons ideal

donaties

doneer

Nederland
English